vrijdag 27 juni 2008

a-hum

af•stu•de•ren (onovergankelijk werkwoord; studeerde af, heeft/is afgestudeerd)
1 zijn studie voltooien 

bron: De Dikke Online Van Dale

ik ben

af
gestudeerd

ik studeerde
af
afstuderen


Het is nog steeds niet doorgedrongen maar ik ben nu de trotse eigenaar van een vodje papier waarop staat dat ik het secundair onderwijs met vrucht beeïndigt heb! 
Zoveel jaren van zwoegen en zweten en studeren en dingen niet snappen en bijles en oefeningen maken, duizenden oefeningen, opnieuw opnieuw, werkwoordjes leren, formules leren, hoeksnelheid, pi, statistiek, de middeleeuwse nederlandse literatuur, en nog veel meer - voor een vodje papier. Esther heeft het secundair onderwijs met vrucht beeïndigt.

Beetje een teleurstelling eigenlijk. Ik had verwacht dat ik all over blij of juist verdrietig zou zijn, maar ik voel me nog precies hetzelfde als ervoor.

Afstuderen is als jarig zijn. Je beseft pas een paar maanden later dat je echt wel een nieuw getal als leeftijd hebt, en de dag zelf of de volgende dag voel je je nog steeds even oud als ervoor.
Ik vind leeftijd iets vreemds dat niet kan veranderen op één dag - technisch gezien zelfs op één seconde - je hebt er maar één seconde over gedaan om uit je moeder de floepen. Ja, de bevalling heeft lang geduurd, maar het eruit-floepen, dat neemt maar een seconde in beslag.

Ik ben in principe niet tegen ouder worden, maar ik vind dat je er eigenlijk geen dag op kan plakken, de ene seconde ben je nog 16, de volgende 17 - Zoiets moet gradueel gebeuren eigenlijk.

Ik pleit voor een verjaarweek.

En het afstuderen zal pas doorgedrongen zijn tegen mijn verjaardag - achtentwintig december, kindjes, niet vergeten! - en wanneer ik al een paar maand op mijn nieuwe grote school zit.
Rits, afdeling filmregie - ja ik ben cool.

Geen opmerkingen: